woensdag 1 juli 2009

Recensie: Catharina Blaauwendraad - Beroepsgeheim

Onlangs verscheen bij Nieuw Amsterdam Beroepsgeheim, de tweede bundel van Catharina Blaauwendraad (de eerste verscheen in 2004 in de Windroosreeks: Niet ik beheers de taal). Blaauwendraad schrijft ook in deze bundel een vrij klassiek soort poëzie. Hier en daar letterlijk, dan schrijft ze sonnetten die netjes aan het rijmschema voldoen. Elders is de vorm vrij maar wekken de regels toch nog de indruk dat ze rijmen, wellicht door de vele klankeffecten. Het lijkt me ook niet voor niets dat juist Jean Pierre Rawie op de achterflap zijn lof op de gedichten van Blaauwendraad uit.

De hele recensie leest u hier.

woensdag 17 juni 2009

Wij zijn... een interview

Sinds een paar weken publiceert het tekenaarsduo Wijzijneenindividu op de Recensent. Eva Bouman en Edwin Fagel hadden twaalf jaar terug het plan een briefroman te schrijven. Daar kwam weinig van, maar wel begon het duo ansichtkaarten vol te tekenen. Vervolgens kwam de wc vol te hangen met getekende scènes uit het dagelijkse leven. Ondertussen kruipt het duo uit haar schulp dankzij een eigen weblog. De Recensent sprak beide tekenaars over het los van elkaar en toch samen creëren.

woensdag 10 juni 2009

De nieuwe Awater is uit

In Awater jaargang 8 nummer 2 o.a.:

- 'Geen gebrul': Eva Cox, Lucas Hirsch en Ester Naomi Perquin brachten elk onlangs hun tweede bundel uit: een triple-interview met tamelijk verschillende dichters.
- 'Permanent onderweg': Kooi is Schaffers zesde bundel sinds zijn debuut in 2000. Hans Groenewegen bespreekt wendingen en constanten in Schaffers groeiende verzameling halteplaatsen.
- 'De gek in de struiken': Rob Schouten over H.C. ten Berge.

Mijn bijdrage bestaat uit twee recensies, namelijk over Welkom van Willem Jan Otten en Buurtkinderen van Arjen Duinker.

dinsdag 19 mei 2009

Recensie: Hedwig Selles - IJzerbijt

Het woord ‘IJzerbijt’ roept pijnlijke associaties op. Ik was een beugeldragend kind en heb in de loop der tijd alle soorten beugels wel in en om mijn mond gehad. Het dragen van een beugel is om verschillende redenen vervelend, niet in de laatste plaats bij het eten. Vooral als een beugel net nieuw is, kan lekkere trek of honger een beproeving zijn. Eten wordt meer een pijnlijk happen, een weerbarstig soort knagen, waarbij alle zenuwen in de nabijheid van de mond worden geactiveerd, maar niet de smaakpapillen.

De recensie over de bundel die deze associaties opriep, leest u hier.

vrijdag 15 mei 2009

J.J. Voskuil - Binnen de huid

Voskuil heeft Maarten Koning hier teruggebracht tot zijn harde kern. Van het resultaat moet hij zo geschrokken zijn, dat hij niet goed meer wist wat hij met Binnen de huid aan moest. En dus schoof hij, zoals Kafka dat deed bij zijn vriend en executeur Max Brod, de hete aardappel door naar het bordje van zijn vrouw. Bij alle door haar geprezen eerlijkheid was dat niet bepaald moedig.

- Jaap Goedegebuure: Trouw, 18 april 2009

Dat Het Bureau zo populair is geworden, is in zekere zin de tragiek van J.J. Voskuil. Het werd vrij algemeen gezien als een ‘Debiteuren Crediteuren’ in boekvorm. Want het boek bevatte veel humor, speelde voornamelijk op kantoor, en ging er op meeslepende wijze over dat er niets gebeurde. Ik ben ervan overtuigd dat in de receptie van Het Bureau het boek veelal tekort werd gedaan. Het werd om de verkeerde redenen goed gevonden.

Uit de recensies van Voskuils postume roman Binnen de huid spreekt toch voornamelijk een soort teleurstelling. Het boek is minder grappig, bevat veel getob en ook blijkt de hoofdpersoon Maarten Koning helemaal niet zo sympathiek te zijn. En ook hier heb ik het idee dat het boek voortdurend tekort wordt gedaan.

Binnen de huid is, ik zeg het zonder aarzeling, een belangrijk boek. Het vormt de schakel tussen de twee monumentale romans die Voskuil bij leven publiceerde. Net als Bij nader inzien en Het Bureau is Binnen de huid het relaas van een nederlaag. Maar in Binnen de huid is die nederlaag totaal, en definitief, want zelfs de slotpagina’s, waaruit blijkt dat Nicolien hem ondanks zijn ontrouw niet zal verlaten, schrijnen meer dan dat ze een ‘happy end’ vormen.

Maarten Koning heeft zichzelf in Binnen de huid mentaal tot de grond toe afgebroken. En niet alleen zichzelf. In de boeken van Voskuil gebeurt altijd alleen schijnbaar niets, want de dagelijkse details zijn allemaal doortrokken van een intens drama. Door enkel minutieus de gebeurtenissen in zijn omgeving te beschrijven laat hij zien dat wat we dan beschaving noemen, of vriendschap, of liefde, vooral gebaseerd is op afspraken die feitelijk weinig van doen hebben met het menselijk bestaan. Met de consequentie daarvan, zo demonstreert Voskuil in Binnen de huid overtuigend, is niet te leven. Dit zet zowel Bij nader inzien als Het Bureau in een ander, zeer indringend licht.

Bovenstaand heb ik het wat merkwaardige slot van een recensie door Jaap Goedegebuure geciteerd. Het roept de op zichzelf interessante vraag op of een schrijver de moed moet hebben inderdaad alles wat hij schrijft te publiceren. In dit specifieke geval lijkt het me niet juist om Voskuil te verwijten dat hij Binnen de huid niet bij leven heeft gepubliceerd, want het feit dat hij dat niet deed is de consequentie van hetgeen hij in het boek beschreef. Een van Voskuils conclusies is immers dat hij niet groots en meeslepend kán leven. Hij laat zijn idealen, die hij heeft ontmaskerd als illusies, los en kiest voor een anoniem bestaan op een kantoor.

Voskuil had de moed zichzelf en zijn omgeving genadeloos en compromisloos te beschrijven. Hij wist na de publicatie van Bij nader inzien dat dit hem door zijn omgeving niet in dank werd afgenomen. Binnen de huid gaat veel verder, het is een bijzonder pijnlijk boek voor alle betrokkenen. Alleen een tomeloze ambitie als schrijver zou hem hebben kunnen zetten tot publicatie van het manuscript - als hij daar al een uitgever voor zou hebben gevonden - maar die ambitie had hij dus niet. Elsbeth Etty heeft in haar beschamende recensie een fractie laten zien van wat Voskuil over zichzelf had afgeroepen als hij destijds inderdaad had besloten tot publicatie. Dat heeft hij zichzelf in ieder geval bespaard. Of dat gebrek aan moed is – ik zou dat niet zo willen zeggen. Het lijkt me meer een kwestie van overleven.

dinsdag 5 mei 2009

WZEI op dR

De eerste cartoonbijdrage van 'Wij zijn een individu' is gepubliceerd op deRecensent (rechtsboven klikken). Het bijbehorende weblog zal in het verlengde hiervan op korte termijn weer worden opgestart.

dinsdag 21 april 2009

Recensie: Ester Naomi Perquin - Namens de ander

De toon is in veel gedichten monter, tegen het laconieke aan, soms zelfs grappig. Het lange gedicht bijvoorbeeld waarin de ‘ik’ een mevrouw aan de telefoon krijgt die wil weten of zij Richard is – waarna een veelheid aan overwegingen volgt, is tegelijk schrijnend en humoristisch. Onder die luchtigheid wordt veelal geprobeerd een angst in bedwang gehouden.

De recensie leest u hier.